Ons brein tijdens communicatie

Bijgewerkt op: sep 27

Hoe komt het dat onze communicatie toch niet loopt hoe we het gepland hadden?

Waarom weten we achteraf pas wat we eigenlijk hadden moeten zeggen?

Waarom staat iemand plots met zijn/haar mond vol tanden?


Jouw brein is in de eerste plaats een overlevingsorgaan, en het speurt de fysieke omgeving voortdurend af op aanwezige dreigingen. Dit geldt ook voor je sociale omgeving: je plek in de kudde en je relatie met andere mensen. Dit hangt samen met onze sociale aard en onze afhankelijkheid van anderen. Overleven in een kudde was vroeger cruciaal om onze overlevingskansen te vergroten. Onze maatschappij is de laatste honderden jaren in sneltempo veranderd maar ons brein is vanuit evolutionair perspectief niet veel veranderd; daar zijn enkele duizenden jaren voor nodig.


We zijn een product van een miljarden jaren durende evolutie en ons brein heeft zich geleidelijk aan ontwikkeld. Ons brein bestaat uit drie delen: het reptielenbrein, het zoogdierenbrein en het mensenbrein. Dit onderscheid in breinen werd voor het eerst gemaakt door neurowetenschapper Paul D. MacLean.




Het reptielenbrein (hypothalamus en hersenstam) is de oudste en bestaat voornamelijk uit de hersenstam, net als bij reptielen. Het brein is volgens wetenschapper Paul MacLean zo'n 500 miljoen jaar oud. Het brein helpt ons overleven met instincten en reflexen en is bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de fight, flight of freeze modus bij gevaar. Je ziet deze reacties ook terug bij dieren.


Het reptielenbrein is 24/7 paraat om op te letten voor gevaar. Het denkt dus niet teveel na en is puur en alleen gericht op overlevingskansen. Zolang jij op je gemak bent in een veilige omgeving waar niet teveel gebeurt, is het reptiel in je hoofd het meest relaxt. Maar als je 's nacht je deur hoort dicht slaan, dan gaat het reptiel in jou het overnemen omdat je brein veronderstelt dat er gevaar is. Je systeem zal kiezen uit 3 reacties:


• Gaan kijken en klaar staan om aan te vallen of te roepen (fight)

• Vluchten uit het huis om te overleven (flight)

• Zo stil mogelijk blijven liggen en hopen dat het over gaat! (freeze)


Deze gedachte gaat in zo'n razendsnel tempo, dat je er niet rationeel over nadenkt. Je schiet in de overlevingsstand en doet één van de drie bovenste dingen. Welke je daarbij kiest is afhankelijk van je aangeboren voorkeur en je opvoeding.


Het zoogdierenbrein (ook wel limbisch of emotioneel brein) is de laag die om het reptielenbrein heen ligt. Over de eeuwen heen heeft de mens (en zoogdieren) een nieuw soort hersenen ontwikkeld, als uitbreiding van het reptielenbrein. In het zoogdierenbrein worden dingen geregeld als emoties, sociaal gedrag en motivatie. Overleven in een kudde was, en is, cruciaal om onze overlevingskansen te vergroten. Niet alleen ter bescherming maar ook om ons voort te planten. Het zoogdierenbrein kijkt dus naar de mogelijkheden om zo lang mogelijk te leven en zoveel mogelijk kinderen te krijgen. Van zodra men een kudde gevonden heeft houdt dit brein het liever bij het bekende. Het beschermt liever wat hij heeft, dan dat hij iets nieuws ontdekt waarvan hij niet zeker weet of het goed voor hem is. Dat verklaart deels waarom mensen soms bij de verkeerde kudde (partner/vrienden/werk) blijven, ook al weten ze rationeel wel dat het niet goed is voor hen.


Het mensenbrein wordt ook neocortex genoemd en is de derde laag die weer om het zoogdierenbrein zit. Hier zit ons intellect, de taalfunctie en ons rationeel denken. Dit ‘nieuwe' brein bestaat nog maar 1 miljoen jaar en het is bij de mens verhoudingsgewijs veel groter ontwikkeld dan welke andere diersoort. Het komt er kort door de bocht op neer dat de beslissingen die we in de andere twee breinen nemen, door dit brein wordt beredeneerd. Je neemt dus in de meeste gevallen een (onbewust in het reptielenbrein of zoogdierenbrein) besluit en pas daarna zal je mensenbrein dit gedrag rationaliseren.


Wij mensen vinden van onszelf dat we heel rationeel zijn. Beslissingen nemen op basis van onderzoek, cijfers en feiten. We laten ons niet leiden door emoties. Toch? Maar uit honderden onderzoeken blijkt dat dat (helaas voor ons denkbeeld) de grootste onzin is. Ons gedrag wordt voor zo'n 95% bepaald door het reptiel in je hoofd, samen met het zoogdierenbrein. Wat die twee breinen doen en beslissen, kunnen we niet onder woorden brengen met ons mensenbrein, de taalfunctie zit namelijk pas in het mensenbrein, niet op de diepere niveaus in ons hoofd. We kunnen niet op dat diepere niveau komen met ons rationele denken, vandaar dat we het achteraf ‘goed' praten wat we zojuist hebben gedaan of besloten.


We denken dat we vooral onze software (denken) gebruiken maar bij elk 'incident' neemt onze hardware (dieperliggende laag) over. Ons brein volgt een soort protocol of werkvoorschrift van zodra er gevaar gedetecteerd wordt. Hierbij 2 voorbeelden ter verduidelijking:


  • Er wordt je al 2 jaar beloofd dat je promotie zal maken en tijdens een meeting hoor je plots dat je collega de promotie krijgt. Het denkende brein wordt plots overgenomen door het emotionele brein en je kan nog meer 1 ding denken: "ik ga hem/haar terugpakken!" Als je na een tijdje wat bent gekalmeerd weet je rationeel dat die collega het wel verdient. Nadat het acute gevaar is geweken neemt het mensenbrein weer over. Hetzelfde proces vindt plaats als je wat zit te dromen tijdens een vergadering en iemand plots je naam zegt. Of als een wildvreemde je beledigt in een winkel.

  • Stel, je zit met je partner in de wagen en jullie zitten in het midden van een ruzie waarbij men de verwijten naar elkaar slingert. De ratio is weg en je zegt dingen die je niet meent. Jullie zitten daar duidelijk in het emotionele brein. Plots stel je vast dat je op het tegenligger vak rijdt. Zonder dat je het beseft stop je de ruzie, en reageer je op de situatie. Je voert een stuurcorrectie uit en brengt jezelf in veiligheid. Het reptielenbrein heeft overgenomen. Van zodra de acute situatie voorbij is keer je terug naar je reptielenbrein, draait jezelf naar je partner en je zegt: "En dat was jouw fout dat we bijna een ongeval hadden!!"


De hardware van ons brein is de reden waarom we soms communiceren op manieren die we moeilijk kunnen vatten. Dat is de reden waarom we vaak achteraf pas weten wat we wilden zeggen. Soms weet je perfect wat je wil zeggen tijdens een sollicitatiegesprek maar op het moment dat je er zit sla je tilt. En van zodra je buiten bent bedenk je allerlei schitterende antwoorden die je had kunnen geven.


Een goede coach, therapeut of trainer begrijpt dit proces. Een therapeut die enkel met jouw mensenbrein werkt zal je in de regel weinig rendement opleveren. Hetzelfde geldt voor een klassieke vaardigheidstraining. Als je vooral 'rationele' tools leert en rationeel oefent, bijvoorbeeld met fictieve scenario's, dan zal je rendement op vlak van gedragsverandering relatief beperkt blijven. Dat neemt natuurlijk niet weg dat de kennis op zich vaak een meerwaarde kan zijn.


Het rendement zal veel hoger liggen als de vaardigheidstraining gecombineerd wordt met de principes van een groeitraining, zoals onze assertiviteitstraining. Tijdens dit programma vragen we de deelnemers om reële en specifieke situaties naar voor te brengen. Hoe dichter een oefening bij de realiteit ligt, hoe effectiever we te werk kunnen gaan omdat we niet enkel in de 'denk' laag van ons brein blijven. Zo kan de deelnemer een veel beter zicht op zichzelf krijgen waardoor de effectiviteit en efficiëntie van de training drastisch verhoogd.


Onze trainers werken naast het lesgeven ook als persoonlijke coach of psychotherapeut. Dat stelt hen in staat om subtiel met de verschillen tussen vaardigheids- en groeitrainingen te spelen waardoor de leerstof bij de deelnemers veel dieper integreert.


Neem vrijblijvende contact als je meer wil weten.

1 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven